Dat “weten” en “eten” verschillend is, is uit onderzoek nog maar eens gebleken. In recent onderzoek geeft meer dan 90% van de ondervraagde personen aan dat ze weten dat fruit en groenten gezond zijn. Uit dat zelfde onderzoek blijkt echter dat slechts 22% van hen effectief voldoende vers fruit eet. De groentenconsumptie scoort nog slechter: slechts 5% van de ondervraagden eet voldoende groenten.
Waarom zijn fruit en groenten zo
gezond?
Voldoende fruit en groenten eten
komt de weerstand ten goede. In fruit en groenten zitten vitamines die
belangrijk zijn voor de weerstand. De vitamines die een rol spelen bij het op
peil houden ervan zijn vitamine A, C, E en B6. Fruit en groenten bevatten geen
vitamine A, maar wel caroteen, dat door het lichaam wordt omgezet naar vitamine
A. Vitamine C, E en B6 zijn in bruikbare vorm in fruit en groenten aanwezig.
Hoe is het met jouw fruit- en
groentenconsumptie gesteld??
Eet jij elke dag twee stuks fruit
(2stuks) en 300 gram groenten? Die hoeveelheid is namelijk aanbevolen.
- Appelmoes is smaakvoller als je de appelen niet schilt. Gebruik dan wel een
zachtzure appelsoort met een lichte schil, anders kleurt de moes na het koken te donker. Appelmoes vervangt echter geen groenten. Als je appelmoes eet, dan kan je daar een groentensalade bij nemen.
- Vind je het in de winter te koud voor appels? Dan zal dit je vast helpen om ook als het kouder is fruit te eten. Schil een appel. Snijd hem in twee en verwijder het klokhuis. Leg de twee helften op een plat bord en besprenkel ze met enkele druppels water. Zet ze gedurende 1 minuut in de microgolfoven. Je krijgt zo een heerlijke, zachte appel met een zoete smaak en een hoge verzadigingswaarde. Je kan dit ook met peren doen.
- Maak fruitsla van drie fruitsoorten en zet ze in de koelkast, dan hoef je
tussendoor niet meer te gaan schillen. Zet het fruit in fruitsap, zo wordt het niet echt aan de lucht blootgesteld, waardoor het minder vitamines verliest.
- Breng zo veel mogelijk afwisseling in het gebruik van groenten en fruit. Kies bij voorkeur voor seizoensproducten. Dat draagt bij tot de variatie en over het algemeen is het goedkoper.
- Diepgevroren groenten en voorgesneden groenten zorgen ervoor dat je nooit
meer ‘wegens tijdsgebrek’ een dag geen groenten eet.
- Fruit kan als tussendoortje, maar ook als beleg dienen. Zo eet je meer fruit en minder vlees. Neem bijvoorbeeld plakjes appel, peer of banaan als beleg.
- Een blad sla, een schijfje tomaat en een plakje komkommer en je boterham
met mager beleg ziet er meteen veel smakelijker uit. Je groenteportie wordt zo groter en ook belegsoorten die je misschien minder lekker vindt, krijgen zo meer smaak. Bijvoorbeeld een boterham met kippenwit, sla, tomaat en geraspte worteltjes.
- Rauw witloof smaakt beter als jer stukjes appel onder mengt, door de minder bittere smaak eet je er makkelijker meer van. En je hebt dan meteen wat fruit extra binnen.
- Is het te warm voor soep? Maak dan een slaatje vooraf. Bijvoorbeeld een sla met tomaat, pijnboompitjes, worteltjes en ananasblokjes.
Opgelet
Hoewel fruit en groenten veel
positieve eigenschappen hebben kunnen ze de andere voedselgroepen niet vervangen.
Meer fruit en groenten wil dus niet zeggen alléén fruit en groenten.